society
Type of resources
Topics
Provided by
Years
Representation types
Update frequencies
status
Scale
-
landhuis of kasteel met bijgebouwen en een park of tuin. De eerste aanleg hiervan moet 50 jaar of ouder zijn. De naam buitenplaats vervalt niet als het huis in de loop der tijd is verdwenen of vervangen door een ander gebouw.
-
Archeologische beleidsadvieskaart voor de stad Hulst met daarop de bekende en te verwachten archeologische waarden in de binnenstad van Hulst.
-
Belastingheffing van resorten walcheren dubbelle 100 penning
-
Belastingheffing van resorten walcheren dubbele 100 penning
-
Deze kaart toont de harde planvoorraad voor toeristische verblijfsaccommodaties in Zeeland per 13 september 2023. De kaart omvat alle concrete plannen voor toekomstige toeristische verblijfsaccommodaties. Zulke plannen kunnen een nieuwvestiging betreffen, of uitbreiding en/of transformatie van verblijfseenheden op bestaande locaties. ‘Concreet plan’ betekent dat het plan verder is dan slechts een idee, het plan wordt pas opgenomen in deze database wanneer het bij een gemeente is voorgelegd voor een vergunningaanvraag of wijziging bestemmingsplan. Op dat moment is een plan ‘in procedure’. Per plan wordt vervolgens de status bijgehouden, waarbij naast ‘in procedure’ ook sprake kan zijn van de status ‘goedgekeurd’, ‘in aanbouw’ en ‘gerealiseerd’. Zodra een plan gerealiseerd is, worden de betreffende accommodaties opgenomen in de aanboddatabase verblijfsaccommodaties. Data over harde planvoorraad worden door HZ Kenniscentrum Kusttoerisme in samenwerking met de Zeeuwse gemeenten bijgehouden en periodiek geactualiseerd.
-
Deze kaartlaag omvat alle toeristische accommodaties in Zeeland, van hotel tot camping, van tweede woning tot bungalowpark. Deze data wordt jaarlijks geactualiseerd, zodat de ontwikkeling van het toeristisch verblijfsaanbod in Zeeland continu kan worden gevolgd. Zo kan bijvoorbeeld worden gezien of het aantal hotelkamers in Zeeland toeneemt of hoeveel aanbod er is van glamping in Zeeland. Zonder goed inzicht in het toeristisch verblijfsaanbod is het immers niet goed mogelijk om een beeld te vormen van bijvoorbeeld het huidige gebruik van dit aanbod of te beoordelen of er ontwikkelruimte is voor de toekomst. Het aanbod van toeristische verblijfsaccommodaties kan worden weergegeven op verschillende niveaus en worden geanalyseerd vanuit verschillende invalshoeken. Deze kaartlaag geeft het toeristisch verblijfsaanbod weer per buurt.
-
Archeologie: Waterbodem gemeente Sluis
-
Historische kaart gemaakt door Hattinga omstreeks 1750, alle randinformatie zoals wapen gemeente, logo en legenda weggehaald. De getoonde kaart is aangepast ("georefereren") aan de huidige situatie van het gebied. Voor de originele kaart zie https://www.archieven.nl/nl/zoeken?mizig=210&miadt=239&micode=293&miview=inv2
-
Het zuidwestelijk zeekleigebied beslaat een groot deel van Zeeland en de Zuidhollandse eilanden. Het wordt chronologisch ingedeeld in oudland en nieuwland. Tot het nieuwland behoren het oostelijke gedeelte van Schouwen-Duiveland, het noordelijk deel van Tholen, St. Philipsland, een klein deel van Walcheren, Noord-Beveland, het westelijke en oostelijke deel van Zuid-Beveland, en het grootste gedeelte van Zeeuwsch-Vlaanderen. Vanaf het midden van de 13e eeuw werden dijken niet meer zozeer aangelegd om bestaand land te verdedigen, maar ook om ‘nieuw’ land aan te winnen. De hiertoe behorende gebieden worden nieuwland genoemd en bestaan uit zowel opwassen en aanwassen, als uit weer opgeslibd ‘verdronken’ oudland (zoals Noord-Beveland). Opwassen zijn platen of schorren die midden in het water onder invloed van de getijdewerking ontstaan. Aanwassen zijn opslibbingen tegen reeds bedijkt land. In nieuwlandpolders liggen vaak resten van kreken, die bij de bedijking afgesloten werden van het buitenwater. De nieuwlandpolders zijn hoger opgeslibd en minder ingeklonken dan de oudlandpolders en liggen dus relatief hoog in het landschap. De bodemopbouw is veel uniformer dan die van de oudlandpolders. De bewoning in de nieuwlandpolders was niet gebonden aan bepaalde hoogliggende delen; de polders waren vlak en hadden een goede natuurlijke afwatering. Hierdoor kon ook een groot deel van het land gebruikt worden voor akkerbouw (o.a. graan, meekrap en vlas, later aardappelen en suikerbieten) en fruitteelt. Alleen de laagst gelegen delen langs de kreken werden als grasland gebruikt. De inrichting van de polder is meestal rationeel: een rechthoekige, relatief grootschalige verkaveling met rechte wegen. De boerderijen werden verspreid in de polders gebouwd, de nieuw gestichte nederzettingen concentreerden zich langs de wegen en dijken (weg- en dijkdorpen). Vanaf de 15e eeuw werden voorstraatdorpen gebouwd. Diverse polders zijn meerdere malen overstroomd. Ingrijpende overstromingen zijn de stormvloeden van 1134, 1248, 1375, 1421 (Tweede Elisabethsvloed), 1530/32 (Noord-Beveland en Zuid-Beveland), 1570 (Land van Saeftinghe) en 1953 geweest. Welen en kreken geven in het huidige landschap aan waar de dijken zijn doorgebroken. Als reactie op de overstromingen werden inlaagdijken aangelegd. De inlaagdijk werd gelegd op plaatsen waar de bestaande dijk dreigde door te breken. Het gebied tussen deze dijk en de oude zeewering wordt inlaag genoemd. Inlagen komen vooral voor waar een diepe stroomgeul vlak langs de dijk liep en waar de ondergrond zwak was (jong zeezand). Om dijken te versterken werd vaak klei afgegraven uit de inlagen en zo ontstonden langgerekte plassen, van elkaar gescheiden door dammen. Omdat deze klei werd afgevoerd met karren, worden deze gebieden karrevelden genoemd. In de 19e eeuw is het landschap van de nieuwlandpolders plaatselijk sterk beïnvloed door de aanleg van spoorwegen, kanalen en dammen, later volgde de inundatie van 1953 en de grootschalige herverkavelingen.
-
tot ligplaats voor schepen geschikt, natuurlijk of gegraven waterbekken dat beschutting biedt tegen wind en golven. De meest eenvoudige vorm bestaat uit niet meer dan een loskade. Veel havens in Zeeland speelden of spelen een rol in de aan- en afvoer van industriële en landbouwproducten en fungeerden daarnaast als veerhaven. Een aantal was/is vooral van betekenis als visserijhaven.
Open Data portaal Zeeland