From 1 - 10 / 570
  • Categories  

    De RACM Stads- en Dorpsgezichtenkaartlaag bevat alle gebieden waarvoor (recent of langer geleden) de procedure is gestart om het gebied aan te wijzen als rijksbeschermd stads- of dorpsgezicht (ex artikel 35 van de Monumentenwet 1988). Dit betekent dat de kaartlaag niet alleen de gebieden bevat waarvoor de procedure nog loopt en waarvoor de procedure heeft geresulteerd in een aanwijzing als rijksbeschermd stads- of dorpsgezicht maar ook waarvoor de aanwijzing inmiddels is ingetrokken. Doel van vervaardiging: Website Cultuur Historiche Struktuur

  • Categories  

    Een klein gedeelte van Zeeland wordt in beslag genomen door de kustzone: het gebied van de duinen en hun onmiddellijke omgeving. De kustzone bestaat uit het strand, de zeereep, de (Jonge) duinen en de binnenduinrand (‘manteling’ of ‘zoom’). Op Schouwen-Duiveland is dit een breed gebied, op Walcheren en in Zeeuwsch-Vlaanderen slechts een smalle strook. Na de laatste IJstijd (Weichselien, 73.000 – 10.000 jaar geleden) begon onder invloed van een warmer en vochtiger klimaat de zeespiegel te stijgen. Op een gegeven moment ontstond langs de Nederlandse kust een reeks parallelle strandwallen die zich steeds verder uitbreidden. Door verstuivingen ontstonden hierop lage duinen, de Oude Duinen. In de Romeinse Tijd sloeg de uitbouw van de West-Nederlandse kust om in een afname (die tot op heden voortduurt, zij het vertraagd door de kustverdediging). De strandwallen waren al vroeg bewoond. Op Schouwen-Duiveland zijn archeologische vondsten uit het Neolithicum (4.300 tot 2.000 jaar v. Chr.) gedaan. Ook in de Bronstijd en de IJzertijd vond bewoning plaats, evenals in de Romeinse Tijd. Aan het einde daarvan raakte met name de kuststrook dicht bevolkt. In de 3e eeuw nam de bevolking sterk af, maar hernieuwde groei volgde in de Vroege Middeleeuwen. In het begin van de Late Middeleeuwen (1000-1200) werden over de Oude Duinen en ten westen daarvan de Jonge Duinen gevormd. Deze zijn waarschijnlijk voor een deel ontstaan onder invloed van de mens. Verschillende factoren waren in het spel. Klimaatsverandering, overbeweiding en ontbossing leidden tot het vrijkomen van zand dat vervolgens ging stuiven en nieuwe duinen begon te vormen. In het overgangsgebied van de duinen naar de polder komen in Schouwen-Duiveland en Walcheren vroongronden voor: glooiende duingraslanden, waar het zand over het achterliggend kleigebied is gestoven. Vaak werden deze gebieden gebruikt als gemeenschappelijke weidegronden. Een andere typische vorm van ontginning van de duinen was de aanleg van elzenmeten, zoals dit in de binnenduinrand van Schouwen werd gedaan. In de natte terreingedeelten werden percelen van 2 tot 3 ha van greppels voorzien en beplant met elzen. Het hakhout werd gebruikt als brandhout. Om de elzenmeet heen lag vaak een houtwal of sloot. Vanaf de 19e eeuw werd het duingebied een steeds interessanter woon- en recreatiegebied. Naast de al bestaande landgoederen ontwikkelden zich villadorpen en grote badplaatsen, volledig gericht op het toerisme, zoals Renesse en Cadzand-Bad. Eveneens een van oorsprong 19e -eeuwse ontwikkeling is de stichting van duinwaterleidingbedrijven.

  • Categories  

    hoofd in rivier of ander buitenwater van aarde, steen en/of rijshout (en tegenwoordig staal), bedoeld om stroomaanval op de oever tegen te gaan en/of de vaargeul op diepte te houden.

  • Categories  

    Compensatie natuurprojecten Westerschelde

  • Categories  

    Damhertgebieden - Beheergebied Zwervende Damherten

  • Categories  

    Natuurbeheerplan: ZoekGebiedKlimaat ontwerp 2023

  • Categories  

    beplanting van duinen met bomen om verstuiving tegen te gaan.

  • Categories  

    grasland en bloemdijken van Poldernatuur Zeeland t.b.v. dijken viewer

  • Categories  

    De Staats-Spaanse Linies zijn de restanten van zestiende- en zeventiende-eeuwse militaire verdedigingswerken die werden aangelegd in de periode van de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) tot aan de Franse Tijd (1794). Het stelsel van verdedigingswerken strekte zich aan beide zijden van de landsgrens uit van Knokke-Heist in het westen tot en met Antwerpen in oosten. De Linies hebben niet alleen een belangrijke rol gespeeld in de bepaling van de landsgrenzen tussen Nederland en België, maar ook in de verdere geschiedenis van de twee landen. Een groot deel van deze linies en vestingen is in het landschap terug te vinden. Deze kaart laat zien waar de linies liggen of hebben gelegen. De bijhorende forten en vestingplaatsen zijn niet op deze kaart aangegeven. Op deze kaart zijn ook de locaties van de Fortengordels rond Antwerpen en de Zuiderwaterlinie zichtbaar.

  • Categories  

    niet of nauwelijks begroeide natuurlijke uitbreiding van aan zee of stroom gelegen gronden, ontstaan doordat zand of kleideeltjes ten gevolge van de vermindering van de stroomsnelheid aldaar bezinken. Vervolgens wordt een 'slik' gevormd (het volgende stadium, wanneer als gevolg van opslibbing nog maar zelden een overstroming plaatsvindt, is er sprake van een schor).