From 1 - 10 / 218
  • Categories  

    Een klein gedeelte van Zeeland wordt in beslag genomen door de kustzone: het gebied van de duinen en hun onmiddellijke omgeving. De kustzone bestaat uit het strand, de zeereep, de (Jonge) duinen en de binnenduinrand (‘manteling’ of ‘zoom’). Op Schouwen-Duiveland is dit een breed gebied, op Walcheren en in Zeeuwsch-Vlaanderen slechts een smalle strook. Na de laatste IJstijd (Weichselien, 73.000 – 10.000 jaar geleden) begon onder invloed van een warmer en vochtiger klimaat de zeespiegel te stijgen. Op een gegeven moment ontstond langs de Nederlandse kust een reeks parallelle strandwallen die zich steeds verder uitbreidden. Door verstuivingen ontstonden hierop lage duinen, de Oude Duinen. In de Romeinse Tijd sloeg de uitbouw van de West-Nederlandse kust om in een afname (die tot op heden voortduurt, zij het vertraagd door de kustverdediging). De strandwallen waren al vroeg bewoond. Op Schouwen-Duiveland zijn archeologische vondsten uit het Neolithicum (4.300 tot 2.000 jaar v. Chr.) gedaan. Ook in de Bronstijd en de IJzertijd vond bewoning plaats, evenals in de Romeinse Tijd. Aan het einde daarvan raakte met name de kuststrook dicht bevolkt. In de 3e eeuw nam de bevolking sterk af, maar hernieuwde groei volgde in de Vroege Middeleeuwen. In het begin van de Late Middeleeuwen (1000-1200) werden over de Oude Duinen en ten westen daarvan de Jonge Duinen gevormd. Deze zijn waarschijnlijk voor een deel ontstaan onder invloed van de mens. Verschillende factoren waren in het spel. Klimaatsverandering, overbeweiding en ontbossing leidden tot het vrijkomen van zand dat vervolgens ging stuiven en nieuwe duinen begon te vormen. In het overgangsgebied van de duinen naar de polder komen in Schouwen-Duiveland en Walcheren vroongronden voor: glooiende duingraslanden, waar het zand over het achterliggend kleigebied is gestoven. Vaak werden deze gebieden gebruikt als gemeenschappelijke weidegronden. Een andere typische vorm van ontginning van de duinen was de aanleg van elzenmeten, zoals dit in de binnenduinrand van Schouwen werd gedaan. In de natte terreingedeelten werden percelen van 2 tot 3 ha van greppels voorzien en beplant met elzen. Het hakhout werd gebruikt als brandhout. Om de elzenmeet heen lag vaak een houtwal of sloot. Vanaf de 19e eeuw werd het duingebied een steeds interessanter woon- en recreatiegebied. Naast de al bestaande landgoederen ontwikkelden zich villadorpen en grote badplaatsen, volledig gericht op het toerisme, zoals Renesse en Cadzand-Bad. Eveneens een van oorsprong 19e -eeuwse ontwikkeling is de stichting van duinwaterleidingbedrijven.

  • Categories  

    2023 SKNL Kaart Natura2000 ten behoeve van uitvoering Programma Natuur Subsidiekaart behorend bij het Openstellingsbesluit Subsidiestelsel Natuur en Landschap 2023, te raadplegen via deze link: Provinciaal blad 2022, 11603 | Overheid.nl > https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2022-11603.html

  • Categories  

    Damhertgebieden - Beheergebied Zwervende Damherten

  • Categories  

    Natuurbeheerplan: ZoekGebiedKlimaat ontwerp 2023

  • Categories  

    beplanting van duinen met bomen om verstuiving tegen te gaan.

  • Categories  

    grasland en bloemdijken van Poldernatuur Zeeland t.b.v. dijken viewer

  • Categories  

    Dijk- en wegdorpen komen in heel Zeeland voor en zijn niet zoals het ringdorp en het voorstraatdorp voornamelijk gerelateerd aan het oud- of nieuwland. Dijkdorpen zoals de naam al zegt zijn ontstaan langs dijken en wegdorpen langs (een kruising van) wegen. Dijkdorpen zijn meestal min of meer spontaan ontstaan en vertonen een uiterst eenvoudige lineaire plattegrond. De dorpen zijn doorgaans gebouwd langs de binnenkant van een zeedijk (soms een kanaal- of polderdijk). Na aandijking van een nieuwe polder was uitbreiding van het dorp mogelijk aan de buitenkant van de oude zeedijk die niet langer een waterkerende functie had. Een centrum ontbreekt vaak in een dijkdorp en een kerk kwam er alleen als het aantal inwoners groot genoeg was. , Wegdorpen (ook wel straatdorpen) zijn vaak net als de dijkdorpen zonder plan ontstaan als lintbebouwing langs een polderweg of een splitsing van polderwegen. , Het kruiswegdorp is een subtype dat vaak ontstond in de grotere polders vanaf de 17e eeuw. Hierbij werd gekozen voor een kruising van twee of meerdere polderwegen als uitgangspunt voor de nederzetting., De plattegrond van een kruiswegdorp bestaat veelal uit een vierkant plein waar in één hoek de kerk werd gebouwd in een andere hoek de pastorie daartegenover het raadhuis en in de resterende hoek het dorpscafé. Soms ontbreekt het plein en wordt het centrale middelpunt gevormd door het kruis van twee wegen of vaarten of een combinatie van beiden. De overige bebouwing verrees langs één van de op de kruising toelopende assen. Borssele is het opvallendste voorbeeld van een kruiswegdorp dat volgens geometrische opzet planmatig is aangelegd. , Schouwen-Duiveland: Ellemeet; Oosterland; Scharendijke; Westenschouwen; Zonnemaire; Sirjansland , Walcheren: Vrouwenpolder; Dishoek; Brigdamme , Noord- en Zuid-Beveland: Baarland; Borssele; Driewegen; Heinkenszand; Hoedekenskerke; Krabbendijke; Kruiningen; Kwadendamme; Lewedorp; Nieuwdorp; Ovezande; Rilland; ’s-Heerenhoek; Wemeldinge; Wilhelminadorp , Tholen: Anna Jacobapolder , Zeeuwsch-Vlaanderen: Retranchement, Driewegen; Groenendijk; Koewacht; Kuitaart; Lamswaarde; Nieuw-Namen; Nieuwvliet; Ossenisse ; Sint Jansteen; Terhole; Volgelwaarde; Waterlandkerkje, ; Zuiddorpe; Zuidzande; Reuzenhoek; Zaamslagveer; Nieuwemolen; Graauw; Hengstdijk; Hoek; Kloosterzande; Westdorpe; Schapenbout; Paal; Schoondijke; Bouchauterhaven; Clinge; Heikant; Zaamslag; Zandstraat

  • Categories  

    Begin 2019 is de gestandaardiseerde rekenmethodiek voor hittestress vastgesteld. Deze kaart is volgens de standaard opgesteld. De hittestresskaart laat een gevoelstemperatuur, de Physiological Equivalent Temperature (PET) zien in de buitenruimte. Voor de juiste interpretatie van de kaart is het ook van belang dat bekend is welke omgevingstemperatuur als uitgangspunt is genomen. Hiervoor zijn de gegevens van het KNMI station Vlissingen op 1 juli 2015 tussen 12.00 en 18.00 gebruik. De gemiddelde temperatuur over die periode is 28,3 graden celcius. Bij het maken van deze kaart is gebruik gemaakt van de onderstaande bronbestanden: - Schaduw - KNMI 2013 afgeleid uit de AHN2 met zonnestand op 1 juli 2015 - Sky view Factor - KNMI 2013 afgeleid uit de AHN2 - Windreductie - door Nelen en Schuurmans berekend volgens het hittestress recept - Windsnelheid - gemeten op KNMI-station 1 juli 2015 - NDVI - Luchtfoto 2018 - Bowen verhouding - Landgebruikskaart 2018 (0.4 is vegetatie, 3 is verhard oppervlak) - Bomen - afgeleid uit de AHN2. - Straling - KNMI station - meteogegevens KNMI station Vlissingen 1 juli 2015

  • Categories  

    Vegetatiekaart Zuidkust Schouwen T0

  • Categories  

    Subsidiekaart SVNL Subsidiekaart behorend bij het Openstellingsbesluit Subsidiestelsel Natuur en Landschap 2026, te raadplegen via deze link: Provinciaal blad 2025, 732669 | Overheid.nl > https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR746883